NAVO EN INTEGRALE VEILIGHEID

Lang geleden voerden landen oorlog, in het heetst van de strijd verdedigde men de landsgrenzen. Tijdens de betrekkelijk ‘eenvoudige’ Koude Oorlog boden artikelen in het NAVO-verdrag en het VN-handvest van de Verenigde Naties handzame richtlijnen om vrede en veiligheid te bevorderen.
De hedendaagse moderne conflicten (zowel intra- als interstatelijk) zijn diffuus en complex. Ze vinden niet in de ‘grote zandbak’ plaats (zoals de afgelopen Golfoorlogen), maar vooral in grote steden. De gewone burgers voelen zich bij tijd en wijle onveilig in eigen land. Gevechten worden aangewakkerd door ideeën, eigen cultuur en economie. De wapens zijn eenvoudig. Twee prominente auteurs stellen dat er tegenwoordig eigenlijk overal ter wereld Low-Intensity Conflicts plaatsvinden.
In De evolutie van de oorlog constateert Martin van Creveld dat er steeds minder militairen op het slagveld zijn, en dat slachtoffers steeds minder geaccepteerd worden. Conflicten van nu zijn onvoorspelbaar, niet gestructureerd, vies, smerig en laag bij en op de grond. Commandanten moeten flexibel blijven, creatief zijn, innoveren. Wat opvalt, is dat de morele component een prominente plek krijgt.
In The accidental guerrilla beschrijftDavid Kilcullen hoe gelegenheidsguerrilla ontstaat en welke mogelijke manieren er zijn om dit in te dammen. Opportunistische oproerkraaiers en terroristen destabiliseren de maatschappij. De gelegenheidsguerrilla zorgt voor angst en een onveilig gevoel bij de burgers. Kilcullen wijst ons er fijntjes op dat militairen zich moeten richten op de bevolking en niet achter de terroristen moet aanjagen. Voorkom dat je als militair jezelf terugtrekt in je eigen ‘fort’ is zijn waarschuwing. Het is belangrijk dat je de tegenstander stukje bij beetje ‘uit elkaar pluist’.
Integrale aanpak
We weten dus dat het beslechten van conflicten niet uitsluitend is voorbehouden aan militairen die tegen militairen vechten. De zaak moet integraal worden aangepakt. Termen als ‘integrale veiligheid’, ‘3-D aanpak’ en ‘Comprehensive Approach’ getuigen daarvan.
In het eigen land verdedigen militairen niet langer de eigen landsgrenzen, maar moeten zij de veiligheid van de samenleving garanderen. Zij kunnen dat niet alleen. Geüniformeerde diensten doen al veel dingen samen, maar dat kan nog verder worden geïntensiveerd. De politie roept nu al vaak de hulp in van burgers en militairen. Militairen beschikken over middelen die nu nog onvoldoende gebruikt worden door (bijvoorbeeld) politie en brandweer. Omdat de diensten onvoldoende op elkaar zijn afgestemd ontstaan systeemfouten die, gecombineerd met menselijk falen, kunnen leiden tot catastrofale blunders.
Op internationaal terrein kennen we de Nederlandse 3-D-aanpak – Defence, Diplomacy and Development – waarbij Defensie, Binnenlandse en Buitenlandse Zaken en Ontwikkelingssamenwerking samenwerken tijdens expeditionaire activiteiten van de militairen. Wanneer deze activiteiten worden geanalyseerd, dan is verscheidenheid in de uitvoering zichtbaar. Het varieert van beschermen van bevolking, het voorkomen en stabiliseren van conflicten tot het op tijd ingrijpen waar nodig. Defensie, met haar krijgsmacht, is goed toegerust om al deze zaken uit te voeren. De afgelopen jaren is zeer veel ervaring opgebouwd met de civiel- militaire samenwerking.
Het kan geen kwaad om ook in Europees en Atlantisch verband naar de toekomstige ontwikkelingen op dit gebied te kijken. De verantwoordelijkheid voor de integrale veiligheid is nu versnipperd over een groot aantal organisaties. De NAVO, die van oudsher meer met louter militaire structuren wordt geassocieerd, is slechts één van de vele organisaties die zich er mee bezig houdt. Het Bondgenootschap is echter meer dan dat. Het NAVO-verdrag gaat over veiligheid en het bevorderen daarvan, wil wederzijds begrip kweken, welzijn en stabiliteit bevorderen. Het zou een goed idee zijn als de NAVO initiatieven ontplooit om te komen tot een verbetering van de integrale veiligheid in en buiten het Atlantisch gebied.
Het nieuwe Strategisch Concept van het Bondgenootschap zou een geschikte opmaat daarvoor kunnen geven.
H.J. Dick Bosch is vicevoorzitter van de Koninklijke Vereniging van Marineofficieren (
KVMO) en docent landoperaties aan de Nederlandse Defensie Academie in Breda.