- De Verenigde Staten namen hierin een leidende rol op zich, door het inzetten van 20.000 militairen in het rampgebied. De Amerikaanse marine ondersteunde de operatie door het vliegdekschip USS Carl Vinson in te zetten. De Amerikaanse militairen houden zich niet alleen bezig met de distributie van hulpgoederen, maar zorgen ook voor de handhaving van de openbare orde. Die werd al kort na de aardbeving bedreigd door vele plunderingen. Kritiek op de VS was er ook: zo klaagden Artsen zonder Grenzen over de Amerikaanse luchtverkeersleiding op de luchthaven van Port-au-Prince, die orde moest scheppen in het overbezette luchtruim boven het eiland. De verkeersleiders zouden voorrang geven aan Amerikaanse vliegtuigen.
- De hulpoperatie van de Verenigde Naties kwam maar moeilijk op gang, mede doordat de lokale top van de VN ook getroffen was door de aardbeving. Besloten werd de troepensterkte van de reeds aanwezige vredesmacht MINUSTAH van 9.000 man uit te breiden met nog eens 3.500 militairen en politieagenten.
- Voor de nieuwe ‘minister van Buitenlandse Zaken’ van de Europese Unie, Catherine Ashton, was de overbelasting van het luchtruim reden om niet af te reizen naar het rampgebied. Vanuit het Europees Parlement werd geklaagd over een gebrek aan leiderschap en zichtbaarheid van de EU. Brussel heeft inmiddels ruim 400 miljoen euro toegezegd voor de reconstructie van het eiland; dit komt grotendeels uit het bestaande budget. Ook werd besloten een 350 man sterk contingent van de European Gendarmerie Force (EGF) naar Haïti uit te zenden. Deze manschappen zullen ingezet worden in het kader van de VN-missie.
- Nederland is met 60 marechaussees vertegenwoordigd in de missie van de European Gendarmerie Force. Naast financiële hulp droeg Nederland bij aan de hulpoperatie met de inzet van het fregat Hr. Ms. Pelikaan, met aan boord 45 mariniers en verschillende voertuigen. De Koninklijke Luchtmacht droeg bij door het meer dan 60 man sterke Nederlandse Urban Search and Rescue (USAR)-team naar en van het rampgebied te vliegen.
- De NAVO zette voor het eerst de Multinational Strategic Airlift Capability (SAC), mede opgericht door Nederland, in voor operationele doeleinden. De strategische luchttransportcapaciteit werd gebruikt om o.a. Scandinavische hulpgoederen naar Haïti te vliegen.
- Op een conferentie in Montreal, gehouden op 25 januari, besloten donoren gezamenlijk tot een wederopbouwoperatie, die 10 jaar in beslag zal nemen. Volgens de Haïtiaanse overheid is hiervoor minimaal drie miljard dollar nodig. De herbouw zal plaatsvinden onder leiding van de VN, in nauwe samenwerking met de lokale overheid.
- De G7 zegde toe de bilaterale schulden die Haïti open had staan bij de zeven industrielanden, kwijt te schelden. Hiermee is een bedrag van 1,2 miljard dollar gemoeid. Ook beloofde de G7 te zullen pleiten voor het kwijtschelden van de multilaterale schulden van de eilandstaat. De Britse premier Gordon Brown verklaarde: “Een land dat al bedolven is onder het puin, moet niet ook nog eens bedolven worden onder schulden.”
