Antwoordmodel Websheet Vietnam

Casus 2: De reactie van het Amerikaanse publiek op de Vietnamoorlog

Deel I: Het Beeld

  1. Soldaten doorzoeken een dorpje op achtergebleven Vietcong-strijders. Zij drijven de bevolking bijeen. Verder blazen ze een huis op en leggen speelkaarten in de mond van omgekomen Vietcong-strijders.
  2. Eigen antwoord.
  3. Beelden van de angstige bevolking en het weinig respectvol omgaan met gedode tegenstanders, zullen zeker bij veel Amerikanen gevoelens van afkeer en walging hebben veroorzaakt.
  4. Ja, je ziet dat Amerikanen het dorp eerst flink onder vuur nemen en dan de dode VC’s tellen aan de hand van speelkaarten.
  5. -.-
  6. Jazeker: de bewegingsvrijheid van journalisten beperken.

Deel II: Walter Cronkite

  1. Journalisten waren op de hand van de regering en lieten juist positieve beelden zien van de Vietnamoorlog.
  2. Met het Tet-offensief bleek zonneklaar dat de oorlog niet 1,2,3 te winnen viel. àJournalisten stelden zich nu kritisch op en kregen oog voor de schaduwkanten van de Vietnamoorlog.
  3. Dat een groot deel van het volk zich niet meer kon vinden in het beleid van de president.
  4. Hij had dit niet voorzien, wilde alleen zijn persoonlijke mening uiten. Maar doordat andere journalisten zich ook kritisch gingen opstelden, kwam er een media-omslag.

Deel III: De Vietnamoorlog op covers

  1. Boven: De eerste en tweede cover laten de vuurkracht van de marine respectievelijk de luchtmacht zien. De derde: een bezoek van de president aan de troepen in Vietnam. De vierde: een behulpzame Amerikaanse soldaat in een Vietnamees dorpje. Onder: De eerste: Vietnamees meisjes past kunstbeen, tweede en derde: gesneuvelde Amerikaanse soldaten. De vierde: Protest van een vrouw van een Amerikaanse krijgsgevangene.
  2. De bovenste rij laat de krachtige en positieve kant van de oorlog zien. De onderste juist de schaduwkant: Vietnamese en Amerikaanse slachtoffers.
  3. Ja, de onderste rij dateert van 1968 en later en deze rij beklemtoont de schaduwkant van de oorlog.

Deel IV: Opinie-onderzoek

  1. 25-06-1965:

    eens

    46%

     

    oneens

    30%

    10-08-1965:

    eens

    52%

     

    oneens

    30%

    13-07-1966:

    eens

    46%

     

    oneens

    40%

    03-08-1966:

    eens

    42%

     

    oneens

    40%

    21-02-1967:

    eens

    38%

     

    oneens

    47%

    04-04-1967:

    eens

    40%

     

    oneens

    44%

    27-02-1968:

    eens

    32%

     

    oneens

    54%

  2. Het deel voorstanders stijgt tot 1965 tot 52%, daarna zet een daling in tot 32% in 1968. Het aantal tegenstanders kent juist een tegengestelde trend.
  3. 1968: Tet-offensief.
  4. Ja, na het uitbreken van het Tet-offensief daalt het percentage voorstanders naar 32%, terwijl het aantal tegenstanders stijgt naar een meerderheid van 54%.
  5. Ja, zie antwoord bij 4.
  6. Beter: Nixon krijgt voor zijn Vietnamiseringsbeleid meer steun (schommelt rond de 50%, met uitschieters).
  7. Kerstbombardement: 9-1-’73; Pentagonpapers: 22-2-’71; Parijse Vredesakkoorden: 23-1-‘73
  8. Bevolking laat zich pessimistisch uit met betrekking tot een spoedig en positief einde van de oorlog. Jongeren blijven in meerderheid tegen de oorlog. Nixon is niet eerlijk.

Deel V: Nixon’s ‘Silent Majority’ speech

  1. Beleid om de oorlog op een positieve manier te beëindigen.
  2. Het moorddadige communisme mag niet overwinnen; door nu te vechten tegen het communisme hoeft dat later niet op nog grotere schaal te gebeuren.
  3. Juist jongeren waren tegen de oorlog. Nixon probeerde hen zo te overreden.
  4. Hij doet een emotioneel beroep op de bevolking om hem te steunen.
  5. De ’83 brieven’ aan de ouders van gesneuvelde soldaten + het beroep op de zwijgzame meerderheid geeft het betoog van de president persuasieve kracht.

Deel VI: Het protest

  1. Green Beret: Stoere soldaten vechten en sterven voor het vaderland en willen dat hun zonen dat ook doen. I feel like…: Dwaze oproep om te gaan vechten voor Uncle Sam en Wall street in Vietnam.
  2. Green Beret: vaderlandsliefde, trots, dapperheid, opkomen voor de zwakkeren. I feel like..: anti-kapitalisme, wantrouwen, defaitisme.
  3. Yep, Green Beret: tromgeroffel, marsmuziek. I feel like…: Kermisdeuntje om de dwaasheid te benadrukken, sarcastisch stemmetje.